Oranjehuis
onzijdig (het)/oˈrɑɲəˌhœys/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- adellijk geslacht dat door afstamming van Willem de Zwijger aanspraak kan maken op de titel "Prins van Oranje-Nassau"Het opmerkelijke en unieke van de komende troonswisseling is dat Nederland voor het eerst in het tweehonderdjarige bestaan van de Oranjemonarchie een rooms-katholieke koningin krijgt. Een grote kans voor het Oranjehuis, dat zich voor het eerst in eeuwen kan manifesteren als een monarchie voor niet uitsluitend de protestanten, maar ook voor de katholieken, die ruim een derde van de bevolking uitmaken.Al wisten de vrouwelijke telgen van beide uitgestorven Oranjehuizen middels wetsveranderingen het koningschap en Hertogdom over te nemen (…).
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek