Pastinaak
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (landbouw) bepaald circa 20 cm lang knolgewas,
- (groente) knol van
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1226
Vertalingen
Engelsparsnip
Franspanais
DuitsPastinake
Spaanschirivía
Italiaanspastinaca
Russischпастернак
Poolspasternak
Zweedspalsternacka
Deenspastinak
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek