Rouwen
/ˈrɑuwə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) de emotionele nasleep van het overlijden van een geliefd persoonZij rouwden nog lang na de dood van hun vader.
Vertalingen
Engelsmourn
Franspleurer
Duitstrauern
Spaansestar de duelo, guardar luto
Deenssørge
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek