Wortel

mannelijk (de)/ˈwɔrtəl/

Wat is de betekenis van Wortel?

Wortel betekent: (groente) de eetbare wortel van de peen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. groente (groente) de eetbare wortel van de peen
  2. het onderste, meestal in de grond doordringend gedeelte van een plant dat hem hold geeft en voedsel en water uit de bodem opneemt
  3. wiskunde (wiskunde) een getal gezien in zijn verhouding tot het getal van zijn tweede macht, derde macht, enz
  4. taalkunde (taalkunde) radix, de kleinste betekenisvolle eenheid in een taal, ontdaan van alle afhankelijke, betekenisdragende elementen, zoals klinkerwisseling, voor- en achtervoegsels, invoegsels en uitgangen.
  5. inplanting of dat waaruit iets ontspringt

Voorbeelden van "Wortel" in een zin

  • Cornelia lijkt bezig te zijn om met een wortel een gans te vullen, en dat doet ze niet bepaald zachtzinnig.
  • We hebben wortelen met erwten gegeten.
  • Als je onkruid wiedt moet je de wortels niet in de grond laten, want dan groeit het zo weer terug.
  • De wortel van honderdvierenveertig is twaalf.
  • [D]e meeste werkwoorden worden gevormd door achter de wortel een suffix te voegen; zo'n wortel + suffix heet thema of stam en achter die stam komen dan de persoonsuitgangen, althans in 't praesens.[http://www.dbnl.org/tekst/scho074hist01_01/scho074hist01_01_0010.htm dbnl]

Betekenis en uitleg van Wortel

Een wortel is het ondergrondse deel van een plant dat zorgt voor de opname van water en voedingsstoffen. Het is vaak dik en eetbaar, zoals de wortel van de wortelgroente, die zowel in de keuken als in de tuin wordt gebruikt.

Het woord 'wortel' wordt vaak gebruikt in de context van voeding, vooral als het gaat om gezonde gerechten. Daarnaast kan 'wortel' ook figuurlijk worden gebruikt, bijvoorbeeld in de uitdrukking 'de wortel en de stok', wat verwijst naar beloning en straf. Dit maakt het een veelzijdig woord in zowel spreektaal als in meer formele situaties.

Voorbeelden

  • De kinderen hielpen in de tuin door de wortels van de groente te oogsten.
  • In de discussie over gezonde voeding kwam de wortel als een belangrijk voorbeeld van een voedzame groente naar voren.
  • Na een lange dag werken, geniet ik van een stoofpot met rundvlees en wortels.

Woordoorsprong

Het woord 'wortel' is afgeleid van het Oudnederlands 'wortela', wat 'wortel' of 'onderdeel van een plant' betekent. Deze oorsprong laat zien dat het woord al lange tijd in gebruik is.

Veelgestelde vragen over Wortel

Wat is de betekenis van Wortel?

Wortel betekent: (groente) de eetbare wortel van de peen

Hoeveel betekenissen heeft Wortel?

Wortel heeft 5 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft Wortel?

Wortel is een mannelijk (de).

Wat zijn synoniemen van Wortel?

Synoniemen van Wortel zijn: bospeen, breekpeen, grove peen, waspeen, radix.

Hoe gebruik je Wortel in een zin?

Voorbeeld: “Cornelia lijkt bezig te zijn om met een wortel een gans te vullen, en dat doet ze niet bepaald zachtzinnig.

Etymologie

* In de betekenis van ‘ondergronds deel van een plant’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Uitdrukkingen

  • Gierigheid ( of hebzucht) is de wortel van alle kwaaddoor gierigheid ontstaan er veel problemen en is er veel ellende in de wereld
  • Met wortel en tak uitroeieniets volledig bestrijden om er geen last meer van te hebben

Vertalingen

Engelscarrot, root, root
Franscarotte, racine, racine
DuitsMöhre, Mohrrübe, gelbe Rübe
Spaanszanahoria, raíz, raíz
Italiaanscarota, radice, radice
Portugeescenoura, raiz, raiz
Russischморковь, корень, корни
Chinees胡萝卜, 红萝卜, 根
Japans人参, にんじん, 根
Koreaans당근, 뿌리
Arabischجذر, جذر
Turkshavuç, kök
Poolsmarchew, marchewka, korzeń
Zweedsmorot, rot, rot
Deensgulerod, rod, rod