aanbouwen
/ˈambɑuwə(n)/
Wat is de betekenis van aanbouwen?
aanbouwen betekent: (ov) ergens iets tegenaan bouwen
Betekenis
werkwoord
- (ov) ergens iets tegenaan bouwen
Voorbeelden van "aanbouwen" in een zin
- Zij lieten bij hun huis een garage aanbouwen.
- De ingewikkeldste restauraties vinden in de oudere gedeeltes van het paleis plaats. "Alles is natuurlijk monumentaal. Maar de vleugels zijn begin negentiende eeuw aangebouwd. Die zijn dus twee eeuwen oud, maar het waren vooral woonvertrekken. Die waren niet gemaakt om bals in te organiseren. Die zijn soberder", zegt Verfürden.
Vertalingen
Engelsbuild on
Fransajouter
Duitsanbauen
Spaansampliar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek