woorden
boek
Start
›
A
›
aanbouwing
aanbouwing
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het bouwen van iets aan een ander gebouw
het aangebouwde
Etymologie
* afleiding van (nomact) aanbouwen
Synoniemen
aanbouwsel
aanbouw
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← aanbouwen
aanbouwingen →