aangaat
ˈaŋɣat
Wat is de betekenis van aangaat?
aangaat betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aangaan
Betekenis
werkwoord
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aangaan
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aangaan
Voorbeelden van "aangaat" in een zin
- ... dat jij aangaat.
- ... dat hij aangaat.
- 'Je hebt een bepaald licht, en volgens mij heb je het zelf niet eens door als het aangaat.'
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek