aankleedden
ˈaɲkledə(n)
Wat is de betekenis van aankleedden?
aankleedden betekent: meervoud verleden tijd van aankleden
Betekenis
werkwoord
- meervoud verleden tijd van aankleden
Voorbeelden van "aankleedden" in een zin
- ...dat wij aankleedden.
- ...dat jullie aankleedden.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek