woorden
boek
Start
›
A
›
aanlegger
aanlegger
mannelijk (de)
/ˈanlɛɣər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
iemand die iets aanlegt, ontwerpt, begint of veroorzaakt
beroep
(beroep) geldschieter
Etymologie
*afgeleid van aanleggen
Verwante woorden
aanlaat
aanlachen
aanlacht
aanlachte
aanlachten
aanladen
aanlag
aanlagen
aanland
aanlandde
aanlandden
aanlanden
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← aanleggende
aanleggers →