aanpraatten
ˈampratə(n)
Wat is de betekenis van aanpraatten?
aanpraatten betekent: meervoud verleden tijd van aanpraten
Betekenis
werkwoord
- meervoud verleden tijd van aanpraten
Voorbeelden van "aanpraatten" in een zin
- ...dat wij aanpraatten.
- ...dat jullie aanpraatten.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek