aanpraten
/ˈampratə(n)/
Wat is de betekenis van aanpraten?
aanpraten betekent: (inerg) doorpraten
Betekenis
werkwoord
- (inerg) doorpraten
- (ov) overhalen tot een bepaalde zienswijze
- (ov) iemand (iets) op de mouw spelden
Voorbeelden van "aanpraten" in een zin
- Er werd enige tijd nog wat aangepraat, maar veel zinnigs werd er niet meer gezegd
- Hij had dat van jongs af aan aangepraat gekregen.
- De nieuwe Chantal van der Schaaf liet zich geen schuldgevoel meer aanpraten.
Vertalingen
Engelspalm off on
Spaansencajar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek