achtergrondstraling

vrouwelijk (de)/ˈɑxtərɣrɔntˌstralɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. natuurkunde (natuurkunde) gewoonlijk aanwezige stroom van fotonen of deeltjes kleiner dan atomen
  2. astronomie (astronomie) warmtestraling uit alle richtingen in het heelal, veroorzaakt door de oerknal
    Vanuit luchtballonnen en satellieten wordt nu de nachtelijke hemel nagemeten, en de temperatuurfluctuaties van de achtergrondstraling worden uiterst nauwkeurig vastgelegd.
  3. medisch (medisch) radioactiviteit die van nature al in de omgeving aanwezig is
    Zij klagen over toegevoegde hoeveelheden straling die veel lager liggen dan de niveaus van natuurlijke achtergrondstraling waaraan wij vanaf het begin van ons materieel bestaan hebben blootgestaan.