achterwerk
onzijdig (het)/ˈɑxtərˌwɛrᵊk/
Wat is de betekenis van achterwerk?
achterwerk betekent: achterste deel
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- achterste deel
- (anatomie) zitvlak, achterste, billen
- (scheepvaart) (verouderd) het houtsnijwerk dat de achtersteven van een schip sierde
Voorbeelden van "achterwerk" in een zin
- Ik viel op mijn achterwerk
- Er stond dus geen ramp aan te komen, en dus konden de stormtroepers en dergelijke figuren hun achterwerk afvegen met hun bovenarmbanden, vrouwen mishandelen en in het algemeen irritant zijn, maar meer ook niet.
- Ze zet haar handen in haar zij en drukt haar buik naar voren, waardoor haar achterwerk en haar rug één stuk worden.
Etymologie
* In de betekenis van ‘billen’ voor het eerst aangetroffen in 1882
Vertalingen
Engelsbackside
Fransderrière
DuitsHintern
Spaanstrasero, culo, nalgas
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek