afbranding

vrouwelijk (de)/'ɑvbrɑndɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. keer dat iemand zeer veel afbrekende kritiek krijgt
    Eva Jinek reageert op afbranding door Johan Derksen. Eva Jinek is geschrokken van opmerkingen door Johan Derksen die beweerde dat zei VI van de buis wilde.

Etymologie

* van afbranden