afhandig
/ɑfˈhɑndəx/
Wat is de betekenis van afhandig?
afhandig betekent: uit iemands bezit gebracht
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- uit iemands bezit gebracht
- uit de hand gepakt
Voorbeelden van "afhandig" in een zin
- Samen met burgemeester Cornelis van Marken, ook al iemand met een verleden als oplichter, had hij een weduwe via slinkse wegen geld afhandig gemaakt.
- Hij was nog niet uitgesproken of hij probeerde Walewein met de stok te slaan, maar Walewein wist hem die afhandig te maken.
Etymologie
van Middelnederlands afhendich; op te vatten als een samenstellende afleiding van het voorzetsel af, het zelfstandig naamwoord hand met het achtervoegsel -ig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek