afhouden
Betekenis
werkwoord
- (ov) op enige afstand laten, niet dichterbij laten komenJe kunt de brandende kaars beter verder van het brandbare gordijn afhouden.
- (ov) ~ van zorgen dat iemand iets niet doet, weerhouden [1]Hij werd van het onzalige plan afgehouden.
- (ov), (financieel) aftrekken [1]De schade door het lekkende dat veroorzaakt werd van de huur afgehouden.
Uitdrukkingen
- je ogen ergens niet vanaf kunnen houden — iets heel aantrekkelijk vinden
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek