aftakking

vrouwelijk (de)/'ɑftɑkɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. van een weg, waterloop of (elektrische) leiding zijwaarts afgaande tak
  2. plaats waar deze splitsing plaatsheeft

Etymologie

* van aftakken

Vertalingen

Engelsbough, branch, branching