afwasser

mannelijk (de)/'ɑfwɑsər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. techniek (techniek) apparaat om automatisch de vaat te reinigen
  2. beroep (beroep) iemand die in een restaurant de vaat reinigt
    Ik was afwasser bij een eetcafé bij mijn middelbare school om de hoek.

Etymologie

* van afwassen

Vertalingen

Engelsdishwasher
Franslave-vaisselle
DuitsGeschirrspülmaschine
Spaanslavavajillas, lavadora de vajilla, lavaplatos
Italiaanslavastoviglie
Russischпосудомоечная машина
Zweedsdiskmaskin