afwikkeling
vrouwelijk (de)/ˈɑfwɪkəˌlɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- handeling waarbij een opgerolde draad of kabel geleidelijk draaiend wordt losgemaaktDe afwikkeling van een rol met kerstlichtjes moet je voorzichtig doen met twee personen, want anders gaan de lampjes kapot of raakt de draad in de war.Ook de afwikkeling van het garen door een gat onder in de spoel werd verbeterd.
- (figuurlijk) afhandeling van een bepaald zakelijk of technisch proces zoals van een schadegeval of van aanvragen voor het openen van een website of telefoongesprekDe afwikkeling van je benoeming kan nog wel een paar weken duren.De minister verwacht dat de afwikkeling van de affaire nog zeker een jaar duurt.
- (juridisch) afhandeling van een gemeenschap van goederen die ontbonden moet worden zoals erfenis, huwelijksgemeenschap of bedrijfsboedel, inclusief vereffening en verdeling, ook liquidatie genoemdErfgenamen, die willen voorkomen dat zij meer moeten betalen dan ontvangen en die toch hun nalatenschap niet willen verwerpen, omdat zij bang zijn tekort te komen wanneer de afwikkeling soms meevalt kunnen aanvaarden onder voorrecht van boedelbeschrijving.
- (fysiologie) bewegingspatroon van onderdelen van de voet ten opzichte van elkaar tijdens het lopenWanneer er sprake is van hyperpronatie duren deze bewegingen tijdens de afwikkeling van de voet te lang.
Etymologie
* van afwikkelen
Vertalingen
Engelscompletion
Fransrèglement
DuitsAbwicklung
Spaanstramitación
Zweedsavveckling
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek