aidsvirus
onzijdig (het)/ˈetsfirʏs/
Wat is de betekenis van aidsvirus?
aidsvirus betekent: (medisch) (virussen) virus dat aids veroorzaakt
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) (virussen) virus dat aids veroorzaakt
Voorbeelden van "aidsvirus" in een zin
- De val van Henk Buck De Eindhovense chemicus Henk Buck van het Laboratorium voor Organische Chemie bracht groot nieuws op 12 april 1 990: hij had een nieuwe methode gevonden om het aidsvirus te bestrijden en een medicijn was onder handbereik, zo meldde hij op televisie.
Veelgestelde vragen over aidsvirus
Wat is de betekenis van aidsvirus?
aidsvirus betekent: (medisch) (virussen) virus dat aids veroorzaakt
Welk woordgeslacht heeft aidsvirus?
aidsvirus is een onzijdig (het).
Hoe gebruik je aidsvirus in een zin?
Voorbeeld: “De val van Henk Buck De Eindhovense chemicus Henk Buck van het Laboratorium voor Organische Chemie bracht groot nieuws op 12 april 1 990: hij had een nieuwe methode gevonden om het aidsvirus te bestrijden en een medicijn was onder handbereik, zo meldde hij op televisie.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek