albatrossen

/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. buissnaveligen (buissnaveligen) familie van grote zeevogels met lange vleugels die vrijwel hun hele leven doorbrengen boven zee. Ze komen wijdverspreid voor in de Zuidelijke Oceaan en de noordelijke Grote Oceaan, ze zijn afwezig in de noordelijke Atlantische Oceaan. Te land zijn zij vrij onbeholpen en zij komen daar alleen om te nestelen, veelal op afgelegen eilanden. De familie telt 21 soorten

Etymologie

* "albatros" met de uitgang -en