alleen
Wat is de betekenis van alleen?
alleen betekent: (scheikunde) een organische verbinding met twee belendende dubbele bindingen
Betekenis
- (scheikunde) een organische verbinding met twee belendende dubbele bindingen
- zonder gezelschap
- zonder hulp of medewerking
- zich beperkend tot iets
Voorbeelden van "alleen" in een zin
- 1=Propadieen (H2C=C=CH2) is het eenvoudigste alleen.
- Laat mij alleen met al mijn verdriet.
- Het idee om een lange tijd alleen door te brengen trok mij enorm aan, maar vond ik tegelijkertijd doodeng omdat ik geen ervaring had met langdurig alleen zijn.
- Ik heb helemaal alleen mijn veters gestrikt!
- Ik heb alleen de woonkamer gestofzuigd.
Betekenis en uitleg van alleen
Het woord 'alleen' verwijst naar de staat van een persoon of object die zich zonder gezelschap of ondersteuning bevindt. Het kan zowel een fysieke isolatie als een emotionele afstand uitdrukken.
Je gebruikt 'alleen' vaak om aan te geven dat iemand niet samen is met anderen, bijvoorbeeld wanneer iemand alleen thuis is of alleen op pad gaat. Het kan ook een gevoel van eenzaamheid of onafhankelijkheid oproepen, afhankelijk van de context. In een bredere zin kan 'alleen' ook gebruikt worden om te benadrukken dat iets uniek of exclusief is.
Voorbeelden
- Hij voelde zich alleen toen zijn vrienden op vakantie waren.
- Zij besloot alleen te gaan wandelen in het bos voor wat rust en bezinning.
- Dit boek is alleen voor liefhebbers van spannende thrillers.
Woordoorsprong
Het woord 'alleen' komt van het Oudnederlands 'alene', wat 'één' of 'enige' betekent, en heeft door de tijd heen een betekenis gekregen die zowel isolatie als singulariteit kan aanduiden.
Veelgestelde vragen over alleen
Wat is de betekenis van alleen?
alleen betekent: (scheikunde) een organische verbinding met twee belendende dubbele bindingen
Hoeveel betekenissen heeft alleen?
alleen heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft alleen?
alleen is een onzijdig (het).
Wat zijn synoniemen van alleen?
Synoniemen van alleen zijn: afgezonderd, slechts, enkel, uitsluitend, alleenlijk.
Hoe gebruik je alleen in een zin?
Voorbeeld: “1=Propadieen (H2C=C=CH2) is het eenvoudigste alleen.”
Etymologie
:Noord: : alene