ambtenarentaal
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈamtəˌnarə(n)ˌtal/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (pejoratief) jargon van de overheid dat daarbuiten vaak verhullend of onbegrijpelijk wordt gevondenOok de taal van de ambtenaar is niet iets wat je op enige school kunt leren. Als er op dit gebied al iets onderwezen wordt, dan is het hoe je ambtenarentaal kunt afleren. Cursussen met titels als ‘Helder schrijven’, ‘Begrijpelijk schrijven’ en ‘Klantgericht corresponderen’ slaan flinke bressen in gemeentelijke en departementale opleidingsbudgetten.Dossiers, al zijn ze geschreven in formele ambtenarentaal, kunnen onthutsend zijn. Neem de cliënt van een sociale dienst, die een uitkering kreeg, maar van wie al sinds 1991 niet meer werd gecontroleerd of hij solliciteerde. Waarom niet? “De cliënt geeft aan moeilijk te kunnen solliciteren aangezien hij voortvluchtig is. Tevens dient hij nog een straf uit te zitten”, noteerde een ambtenaar in december 1992.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek