atmosfeer

mannelijk/vrouwelijk (de)/ɑtmɔ'sfer/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een gasvormig omhulsel van een planeet of maan
    De aarde heeft een dikke atmosfeer die vooral uit stikstof en zuurstof bestaat.
    De maan heeft geen atmosfeer, dus je ervaart een voortdurend bombardement van micro-meteorieten en de temperatuurverschillen zijn extreem. Tubantia 2 jul. 2019 [https://www.tubantia.nl/wetenschap/dit-is-hoe-je-kunt-leven-op-de-maan~abf82a71/ Dit is hoe je kunt leven op de maan]
    In het huis was een vochtige atmosfeer.
  2. overdrachtelijk: een heersende stemming
    Na het vertrek van de lastige leerling werd de atmosfeer om de klas een stuk prettiger.
    Behalve dat het er angstaanjagend was, hing er in het huis van Salomé Abergel een merkwaardig vertrouwde atmosfeer.
    Om de zwarte atmosfeer wat tegenspel te bieden deed ze de schemerlamp naast de televisie aan.
  3. eenheid (eenheid) een natuurkundige eenheid voor de gasdruk
    De druk van de lucht in een fietsband is ongeveer 3 atmosfeer.

Etymologie

*afgeleid van sfeer

Vertalingen

Engelsatmosphere, atmosphere, ambiance
Fransatmosphère, ambiance, atmosphère
DuitsAtmosphäre, Atmosphäre, Ambiente
Spaansatmósfera
Italiaansatmosfera
Poolsatmosfera, atmosfera, atmosfera