autochtoon
mannelijk (de)/ˌɑutɔxˈton/
Wat is de betekenis van autochtoon?
autochtoon betekent: de oorspronkelijke bewoner van een land, inboorling
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de oorspronkelijke bewoner van een land, inboorling
Voorbeelden van "autochtoon" in een zin
- Die man komt uit Nederland, dus hij is een autochtoon.
Etymologie
*afgeleid van het Griekse 'chthōn' (aarde, grond, land)
Vertalingen
Engelsautochthon, autochthonous
Fransautochtone, autochtone
DuitsAutochthone, autochthon
Spaansautóctono, autóctono
Zweedsautokton, autokton
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek