autoradio

mannelijk (de)/ˈotoˌradiˌjo/

Wat is de betekenis van autoradio?

autoradio betekent: in een auto ingebouwde radio (vaak tevens voorzien van cd-speler etc.)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. in een auto ingebouwde radio (vaak tevens voorzien van cd-speler etc.)

Voorbeelden van "autoradio" in een zin

  • In de spreektaal heeft men het nog steeds over de autoradio, maar in de praktijk is het ondertussen een multimediaal instrument, dat ook een functie kan hebben in telefonie en navigatie
  • De autoradio staat hard aan. Eén van de mannen zit in de auto. Een paar anderen staan er omheen. Als er meisjes langs komen, fluiten of roepen ze naar hen. {{Aut|Rothfusz, Jacqueline

Veelgestelde vragen over autoradio

Wat is de betekenis van autoradio?

autoradio betekent: in een auto ingebouwde radio (vaak tevens voorzien van cd-speler etc.)

Welk woordgeslacht heeft autoradio?

autoradio is een mannelijk (de).

Hoe gebruik je autoradio in een zin?

Voorbeeld: “In de spreektaal heeft men het nog steeds over de autoradio, maar in de praktijk is het ondertussen een multimediaal instrument, dat ook een functie kan hebben in telefonie en navigatie

Vertalingen

Engelscar radio