woorden
boek
Start
›
B
›
bakster
bakster
vrouwelijk (de)
/'bɑkstər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
beroep
(beroep) vrouw die bakt
Etymologie
* van bakken
Verwante woorden
Baks
baksel
baksels
bakseltje
bakseltjes
baksen
baksis
baksjisj
baksjisje
baksjisjen
bakspel
bakspellen
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← bakstenen
bakstoel →