bede

mannelijk/vrouwelijk (de)/'bedə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. smekend, dringend verzoek, smeekbede
  2. religie (religie) gebed
  3. geschiedenis (geschiedenis) verzoek om geld van de vorst aan zijn onderdanen

Etymologie

* In de betekenis van ‘gebed’ voor het eerst aangetroffen in 901

Vertalingen

Engelsappeal, entreaty, supplication
Spaansruego, oración