beginnend

/bəˈɣɪnənt/

Betekenis

werkwoord
  1. die nog moet groeien, nog in de startfase
  2. onervaren, ongeoefend
    Hij keek Chantal aan, die het pakje Marlboro als een beginnend goochelaar tussen haar vingers liet glijden.

Etymologie

*beginnen met de uitgang -d