bekennen
Wat is de betekenis van bekennen?
bekennen betekent: (ov) iets laak- of strafbaars toegeven
Betekenis
- (ov) iets laak- of strafbaars toegeven
- niet te bekennen zijn: ontbreken, niet te vinden zijn
- (ov) (eufemisme) (Bijbel) (seksualiteit) seksuele omgang hebben met (iemand)
Voorbeelden van "bekennen" in een zin
- Na een langdurig verhoor bekende hij de moord gepleegd te hebben.
- Zij bekende haar zonden tijdens de biecht.
- Ik moet bekennen dat ik verbaasd was.
- We dachten hem daar aan te zullen treffen, maar hij was in geen velden of wegen te bekennen.
- In werkelijkheid kunnen ze alleen maar wadend in de troebele poel hun dood tegemoet zijn gelopen - een nabij ravijn is nergens te bekennen.
Betekenis en uitleg van bekennen
Bekennen betekent dat je iets toegeeft of openhartig vertelt over jezelf, vaak iets dat je moeilijk vindt om te delen. Het kan gaan om een fout, een geheim of een persoonlijke waarheid die je met anderen wilt delen.
Dit woord wordt vaak gebruikt in situaties waarin iemand zijn of haar schuld, gevoelens of gedachten onder woorden brengt. Bekennen heeft vaak een emotionele lading en kan betrekking hebben op zowel positieve als negatieve onthullingen. Het kan ook een belangrijke stap zijn in het proces van vergeving of persoonlijke groei.
Voorbeelden
- Na lang twijfelen besloot hij zijn liefde voor haar te bekennen.
- Tijdens de therapie leerde ze haar angsten te bekkennen, wat haar hielp om verder te komen.
- Hij moest zijn fouten bekkennen voordat zijn vrienden het zelf ontdekten.
Woordoorsprong
Het woord 'bekennen' komt van het Middelnederlandse 'bekennen', wat 'toegeven' of 'openbaren' betekent. Het is verwant aan het Duitse 'bekennen' en het Engelse 'confess'.
Veelgestelde vragen over bekennen
Wat is de betekenis van bekennen?
bekennen betekent: (ov) iets laak- of strafbaars toegeven
Hoeveel betekenissen heeft bekennen?
bekennen heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Hoe gebruik je bekennen in een zin?
Voorbeeld: “Na een langdurig verhoor bekende hij de moord gepleegd te hebben.”
Etymologie
*[3] Leenvertaling van Latijn "cognoscere" in de Latijnse Vulgatatekst van de Bijbel.