belastingcontroleur
mannelijk (de)/bəˈlɑstɪŋˌkɔntroˌlør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- ambtenaar van de belastingdienst die controleert of de belastingaangiftes correct zijn ingevuldDe site vormt zo een lijst van corrupte figuren: een belastingcontroleur die een bedrijf afperst, een chirurg die privépraktijk houdt in een openbaar ziekenhuis, een ambtenaar die grigorosimo (smeergeld) eist om vertragingen te voorkomen.Er zijn genoeg voorbeelden van succesvolle ministers die niet werden gehinderd door al te veel kennis van zaken. Zoals 'landbouweconoom' Jeroen Dijsselbloem, de populaire minister van Financiën, en belastingcontroleur Henk Kamp die achtereenvolgens Sociale Zaken, Defensie en Economische Zaken bestierde.
Vertalingen
Engelstax controller, tax inspector
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek