beleidsruimte

vrouwelijk (de)/bə'lɛɪtsrœymtə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. politiek (politiek) ruimte (vrijheidsgraad) die een beleidsmaker heeft bij het uitzetten van zijn beleid
  2. juridisch (juridisch) de mogelijkheid die een bestuursorgaan kan hebben een bestuursbevoegdheid binnen de grenzen van het recht naar eigen oordeel aan te wenden
    De wet biedt beleidsruimte, dus het college van burgemeester en wethouders kan kiezen wel of geen vergunning te verlenen.