beperktheid

vrouwelijk (de)/bə'pɛrkthɛɪt/

Wat is de betekenis van beperktheid?

beperktheid betekent: het maar bescheiden (geestelijke, lichamelijke, financiële) middelen bezitten

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het maar bescheiden (geestelijke, lichamelijke, financiële) middelen bezitten
  2. de zaken die men niet tot zijn beschikking heeft

Voorbeelden van "beperktheid" in een zin

  • Het tekent de grilligheid van de 19-jarige Amsterdammer. Het ene moment laat hij geniale dingen zien en maakt hij indruk met zijn sterkte en snelheid, het andere moment verliest hij de bal na een knulligheid en komt zijn technische beperktheid aan het licht.

Etymologie

* afleiding van beperkt

Vertalingen

Engelssmallness, limitation