beschuldigen

/bəˈsxʏldəɣə(n)/

Wat is de betekenis van beschuldigen?

beschuldigen betekent: (ov) iemand de schuld geven van iets

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) iemand de schuld geven van iets

Voorbeelden van "beschuldigen" in een zin

  • Ik beschuldig hem van deze misdaad.
  • Hij beschuldigde iedereen behalve zichzelf van de ellende die hem overkwam.
  • Het was onzin om de mensen van het hotel te beschuldigen, wist hij.

Betekenis en uitleg van beschuldigen

Het woord 'beschuldigen' betekent dat je iemand ervan beschuldigt iets verkeerds of illegaals te hebben gedaan. Het is een manier om aan te geven dat je denkt dat iemand schuldig is aan een bepaalde daad of fout.

Je gebruikt 'beschuldigen' vaak in situaties waarin je een beschuldiging uitspreekt tegen iemand, bijvoorbeeld in juridische contexten of persoonlijke conflicten. Het woord heeft een negatieve connotatie, omdat het impliceert dat er een probleem of onrecht is dat aangepakt moet worden. Het is belangrijk om voorzichtig te zijn met beschuldigingen, omdat ze iemand kunnen schaden, zelfs als ze onterecht zijn.

Voorbeelden

  • De leraar besloot de student niet te beschuldigen zonder eerst het hele verhaal te horen.
  • Hij voelde zich onterecht beschuldigd van diefstal, omdat hij op dat moment niets had gedaan.
  • In het debat beschuldigde de senator zijn tegenstander van het verspreiden van valse informatie.

Woordoorsprong

Het woord 'beschuldigen' komt van het Middelnederlands 'besculdighen', wat 'de schuld geven aan' betekent. Het is verwant aan het woord 'schuld'.

Veelgestelde vragen over beschuldigen

Wat is de betekenis van beschuldigen?

beschuldigen betekent: (ov) iemand de schuld geven van iets

Hoe gebruik je beschuldigen in een zin?

Voorbeeld: “Ik beschuldig hem van deze misdaad.

Etymologie

*Afgeleid van schuld , en

Vertalingen

Engelsaccuse
Fransaccuser
Duitsbeschuldigen
Spaansacusar, acriminar
Italiaansaccusare
Turkssuçlamak