biets
Wat is de betekenis van biets?
biets betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bietsen
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bietsen
- gebiedende wijs van bietsen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bietsen
Voorbeelden van "biets" in een zin
- Ik biets.
- Biets!
- Biets je?
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek