blauw-wit

onzijdig (het)/blɑuˈwɪt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. vlag, tenue of ander voorwerp met zowel witte als blauwe vlakken
    Om te bewijzen dat de CSU geen alleenrecht op Beieren heeft, verschijnt op SPD-posters het Beierse blauw-wit naast de rode partijkleur.

Etymologie

thumb|1. Het karakteristieke blauw-wit van Beieren.