blindedarm
mannelijk (de)/blɪndə'dɑrm/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (anatomie) het zakvormig uiteinde van de dikke darm, dat de dunne darm in zich opneemt (caecum)
- (anatomie) wormvormig aanhangsel van het uiteinde van de dikke darm (appendix)Eigenlijk is de naam blindedarmontsteking incorrect want het is het wormvormig aanhangsel en niet de blindedarm zelf die ontstoken is.
Vertalingen
Spaansintestino ciego
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek