boekhouder
mannelijk (de)/ˈbukhɑudər/
Wat is de betekenis van boekhouder?
boekhouder betekent: (beroep) iemand die de inkomsten en uitgaven van een organisatie bijhoudt
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) iemand die de inkomsten en uitgaven van een organisatie bijhoudt
Voorbeelden van "boekhouder" in een zin
- Mijn vader is boekhouder. Vroeger hielp ik hem vaak met het sorteren van bonnen op datum. Het was een bevredigend proces om van de kluwen papieren briefjes uit de schoenendoos uiteindelijk een georganiseerde map te maken. Helaas heeft deze kinderarbeid niet geresulteerd in enige affiniteit met administratie. Integendeel. NRC 25 mei 2016
- Toch was hij ook eigen plannen gaan ontwikkelen. Hij wilde weg, hij voelde wel wat voor Tonkin, al wist hij zelf niet goed waarom. In ieder geval wilde hij het beroep van boekhouder opgeven en iets anders gaan doen. {{Aut|Lemaitre, Pierre
Etymologie
*Samenstellende afleiding van boek en de stam van houden
Vertalingen
Engelsbookkeeper
Franscomptable
DuitsBuchhalter
Spaanscontable
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek