boekje
Wat is de betekenis van boekje?
boekje betekent: verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord boek
Betekenis
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord boek
Voorbeelden van "boekje" in een zin
- 'Neel Ik moest van haar een adresboek pakken en daar zat die brief in! Maar luister, in dat boekje zat ook een telegram van Harold Schloss, uit juli 1936.
- fi Een vriendin, de oudste uit een nest van vier, drukt me een boekje in handen dat volgens haar moeder een veelbesproken titel was op het schoolplein van de vrije school in de jaren negentig.
Betekenis en uitleg van boekje
Een boekje is een klein, meestal gebonden schrift met pagina's waarop tekst of afbeeldingen staan. Het kan variëren van een klein notitieboekje tot een dunne roman en is vaak handzaam om mee te nemen.
Je gebruikt het woord 'boekje' in veel verschillende contexten, zoals bij het beschrijven van een notitieboekje dat je meeneemt voor het maken van aantekeningen, of een kinderboekje dat je voorleest. Het kan ook een informele term zijn voor een klein boek dat gemakkelijk te lezen is. De nuance ligt vaak in de kleinschaligheid en toegankelijkheid van de inhoud.
Voorbeelden
- Ze schreef al haar ideeën in een klein boekje dat ze altijd bij zich had.
- Het boekje dat ik voor mijn zoon kocht, bevatte prachtige illustraties en leuke verhalen.
- Na het lezen van het boekje over de natuur, besloot ik een wandeling te maken in het bos.
Woordoorsprong
Het woord 'boekje' is een verkleinwoord van 'boek', dat zijn oorsprong vindt in het Oudnederlands en verwant is aan het Engelse 'book'.
Veelgestelde vragen over boekje
Wat is de betekenis van boekje?
boekje betekent: verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord boek
Hoe gebruik je boekje in een zin?
Voorbeeld: “'Neel Ik moest van haar een adresboek pakken en daar zat die brief in! Maar luister, in dat boekje zat ook een telegram van Harold Schloss, uit juli 1936.”