boerenleider
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bestuurder van een boerenorganisatieIn 1517 trok de Friese boerenleider Grutte Pier uit Kimswerd met een oorlogsvloot ten strijde tegen Medemblik. Burgers van de stad vluchtten naar het kasteel van kasteelheer Joost van Buren, waardoor ze werden gered. De Friese soldaten plunderden de stad, staken hem in brand en vermoordden de inwoners die niet naar het kasteel waren ontkomen.Friese boerenleider krijgt dreigbrief gericht aan hele sector
Vertalingen
Engelspeasant leader
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek