boetekleed
onzijdig (het)/ˈbutəˌklet/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) gewaad waarin sommige boetelingen zich hullenKatholieken dragen het boetekleed om boete te doen voor eigen of andermans zonden. Zij vinden het een middel om uit vrije wil een beetje te delen in het lijden van Christus
Uitdrukkingen
- Het boetekleed aantrekken — De schuld voor iets op zich nemen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek