bonzen
/ˈbɔnzə(n)/
Wat is de betekenis van bonzen?
bonzen betekent: (inerg) bij herhaling slaande, een luid, laag geluid maken
Betekenis
werkwoord
- (inerg) bij herhaling slaande, een luid, laag geluid maken
- heftig kloppen (van het hart)
Voorbeelden van "bonzen" in een zin
- Zij bonsden hard op de deur en riepen: "open de deur!".
- Zijn hart bonsde heftig toen hij zijn geliefde in het oog kreeg.
- De gedachte aan een terugkeer naar de onheilsplek deed haar hart als een bezetene bonzen.
Etymologie
* [2]: bonze met de uitgang -en
Vertalingen
Engelspound
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek