brandstichting

vrouwelijk (de)/'brɑntstɪxtɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. opzettelijk vernielen van allerlei zaken door middel van een brand
    Tijdens diens voorgeleiding bij de rechter-commissaris betoogde het OM dat hij moet worden vervolgd voor een poging tot brandstichting met een terroristisch oogmerk. Hij zou een deel van de bevolking vrees hebben willen aanjagen; een voorwaarde om hem een terroristisch oogmerk ten laste te leggen.Joram Bolle NRC 13 april 2016

Etymologie

* van brandstichten

Vertalingen

Engelsarson
Fransincendie criminel
DuitsBrandstiftung
Spaansincendio provocado, incendio premeditado, delito de incendio
Italiaansincendio doloso
Portugeesincêndio criminoso
Russischподжог
Japans放火罪
Koreaans방화
Arabischحريق معتمد
Poolspodpalenie
Zweedsmordbrand
Deensbrandstiftelse