bullenbijter
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- Engelse dog
- grote, kwaadaardige hond
- bullebak
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘hondensoort’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1862
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek