buurt

mannelijk/vrouwelijk (de)/byrt/

Wat is de betekenis van buurt?

buurt betekent: een (deel van een) wijk

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een (deel van een) wijk
  2. de nabijheid

Voorbeelden van "buurt" in een zin

  • Deze buurt is zo'n honderd jaar geleden gebouwd.
  • De bal is in de buurt van die auto gevallen.
  • Hij woont in de buurt, het is naar schatting de dertigste keer dat hij hier staat, met enerzijds het uitzicht op de beboste flanken van de Vogezen en aan de zuidwestkant het glooiende laagland van de Haute-Saône.
  • Een dag later, lopend door een brede kloof, zag ik een rookpluim in de verte omhoog kringelen. Toen ik aankwam bij het vuurtje zag ik tot mijn verbazing twee paarden aan een lang touw grazen, met verder niemand in de buurt.

Betekenis en uitleg van buurt

Een buurt is een specifieke, vaak herkenbare omgeving of gemeenschap waar mensen wonen en elkaar ontmoeten. Het kan verwijzen naar een wijk in een stad of dorp, maar ook naar een informele groep mensen die elkaar ondersteunen en samenleven.

Het woord 'buurt' gebruik je vaak als je het hebt over de plaats waar je woont of over de mensen in jouw omgeving. In gesprekken over sociale interactie, veiligheid of gemeenschapszin komt het woord vaak voor. Een buurt kan een sterke verbondenheid tussen bewoners uitstralen, wat belangrijk is voor het welzijn en de leefbaarheid van een gebied.

Voorbeelden

  • In onze buurt organiseren we elke zomer een straatbarbecue om elkaar beter te leren kennen.
  • De buurt waarin hij opgroeide was altijd levendig en vol met kinderen om mee te spelen.
  • Door de nieuwe plannen voor de stadsontwikkeling zal de hele buurt er heel anders uitzien.

Woordoorsprong

Het woord 'buurt' stamt af van het Middelnederlandse 'būrt', wat 'woonplaats' of 'verblijf' betekent. Dit is verwant aan het Oudhoogduitse 'bur', dat ook 'verblijf' of 'woning' aanduidt.

Veelgestelde vragen over buurt

Wat is de betekenis van buurt?

buurt betekent: een (deel van een) wijk

Hoeveel betekenissen heeft buurt?

buurt heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft buurt?

buurt is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Hoe gebruik je buurt in een zin?

Voorbeeld: “Deze buurt is zo'n honderd jaar geleden gebouwd.

Etymologie

* In de betekenis van ‘stadsdeel of deel van dorp’ voor het eerst aangetroffen in 1401

Uitdrukkingen

  • in de buurt blijvenniet ver weggaan
  • uit de buurt blijvenafstand bewaren

Vertalingen

Engelsneighbourhood, quarter, proximity
Fransquartier, voisinage
DuitsStadtteil, Viertel, Nähe
Spaansbarrio, barriada, cercania
Italiaansdistretto
Portugeesbairro
Russischквартал
Poolsdzielnica, okolica, dzielnica
Zweedskvarter, närhet
Deensbydel, kvarter