carport
mannelijk (de)/'kɑːrpɔːrt/
Wat is de betekenis van carport?
carport betekent: (verkeer) een afdak waaronder een auto kan worden geparkeerd
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (verkeer) een afdak waaronder een auto kan worden geparkeerd
Voorbeelden van "carport" in een zin
- Wij hadden geen garage maar wel een goedkopere carport.
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘afdak voor auto's’ voor het eerst aangetroffen in 1979
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek