concertino

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) klein concert, instrumentaal muziekstuk
  2. kleine groep van instrumenten of hun bespelers die in een concerto grosso solistisch optreedt tegenover het grotere orkest

Etymologie

* Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘klein concert’ voor het eerst aangetroffen in 1847