concordaat
onzijdig (het)/ˌkɔŋkɔrˈdat/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- overeenkomst tussen een staat en de paus over de rechten van de rooms-katholieke kerk in een land
Etymologie
* van concorderen
Vertalingen
Engelsconcordat
Spaansconcordato
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek