dankdienst
mannelijk (de)/'dɑŋɡdinst/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kerkdienst waarin men zich dankbaar toont voor iets of iemandDe Britse koningin Elizabeth heeft in St. Paul's Cathedral in Londen een dankdienst bijgewoond voor haar 60-jarige regeerperiode.De dag van de troonswisseling is begonnen met het Te Deum, een plechtige dankdienst, in de Sint-Michiels- en Sint-Goedelekathedraal in Brussel.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek