droes
mannelijk (de)/drus/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) (eufemisme) duivel
- (verouderd) kerel
- (diergeneeskunde) is een besmettelijke ziekte van de bovenste luchtwegen bij paarden en andere paardachtigen, veroorzaakt door de bacterieDe droes komt wereldwijd bij paarden voor.
Etymologie
* [3] Uit het Middelhoogduits druos, drüese “gezwel, buil” (= mod. "Drüse" “klier”, "Druse" “paardeziekte”). In de betekenis van ‘paardenziekte’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1573
Vertalingen
Engelsstrangles
Russischмыт
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek